Al zo’n 15 jaar komen we in Spanje, aan de Costa Brava. Hier brachten we heerlijke vakanties door met onze twee dochters. Dan zaten we op een sfeervolle patio met tapas en muziek of op het zonnige strand. Op zulke momenten verzuchtten we altijd: “Hier willen we niet meer weg…”. Afgelopen zomer hebben we de stap genomen om naar de Costa Brava  te emigreren om precies te zijn naar het deel dat Baix- Empordá genoemd wordt (je hebt ook Alt-Empordá, noordelijker gelegen tegen de Franse grens).

Naast toerisme staat dit deel van de Costa Brava bekend om zijn creativiteit en sportiviteit. De meeste mensen denken dan direct aan de kunstenaars Dalí en Picasso, maar zijn er vele andere práchtige galeries en musea. Ons favoriete museum is het DOR museum oftewel La Fortalesa schitterend gelegen op de heuvel van Sant Julia de Ramís uitkijkend over de stad Girona en de imposante Pyreneeën. Ook gaan we regelmatig naar Palau de Casavells, een prachtige galerie met een mooi contrast van authentieke en contemporary art verscholen op het platteland. Dat er in dit gebied veel sport beoefend wordt, heeft te maken met het klimaat en het landschap. Behalve tijdens de warme zomermaanden, is het met een temperatuur van tussen de 15 en 25 graden de rest van het jaar heerlijk om actief bezig te zijn. De aanwezigheid van de Pyreneeën maakt het aantrekkelijk voor bergsporten en aan de kust zijn er altijd wel ergens watersport evenementen. Ook is het een walhalla voor wandelaars en fietsers zowel langs de kust als in het achterland. Het is niet voor niets dat veel profwielrenners buiten het wielerseizoen verblijven in Girona.

Wij wonen in het middeleeuwse dorpje Begur. Dit sfeervolle dorp met 4.000 inwoners ligt op een rotspunt voor de kust. De ruïne van het oude kasteel torent boven het dorp met daarachter de Medes eilanden. Begur en de achterliggende authentieke dorpjes worden ook wel de Spaanse Rivièra of mini Toscane genoemd, vanwege de prachtige glooiende omgeving en het vleugje chique dat hier aanwezig is. Begur heeft een Bohemian uitstraling die te danken is aan de vele koloniale huizen die hier begin 1900 zijn gebouwd door ontdekkingsreizigers die veel geld hadden over gehouden aan hun reizen naar onder andere Cuba. Dit zie je terug in de vele boetiekjes en hotels. Onze favorieten zijn de kleinschalige boetiekhotels zoals “La Indiana de Begur”, ”El petit Convent” en “Hanoï”. Allen charmante hotels midden in het centrum van Begur. Even buiten Begur richting de baai Sa Riera ligt het iets grotere broertje: “El Convent” met een adembenemend uitzicht over de baai. Sa Tuna, de andere kleinere baai van Begur, vinden wij het meest charmant. Hier vind je naast enkele restaurantjes het mooie (maar prijzige) Hotel Sa Tuna.

In Begur vind je veel goede restaurants. Onder andere “Pati Blau” waar je gezellig buiten in de patio tuin kunt genieten van de lekkerste versbereide visgerechten. Een andere aanrader is La Pizzeta, vroeg reserveren in het hoog seizoen is hier noodzakelijk. Onze favoriet is Tothora het hele jaar door open, eerlijk eten en een gezellige sfeer. Je kunt er bovendien buiten zitten. In de zomer is het erg goed toeven onder de oude olijfboom op het dorpsplein bij Tapas Begur. (reserveren niet mogelijk). Ook goed om te weten is dat UNESCO samen met de Catalaanse overheid dit voorjaar de Emporda en dus ook Begur uitgeroepen heeft tot een beschermd gebied, Biosfeerreservaat. Waardoor de natuurgebieden en karakteristieke uitstraling voor de toekomst behouden blijft.

In de buurt van Begur ligt de wat grotere plaats Palafrugell. Behalve dat je er zo’n beetje alles kunt vinden aan grotere supermarkten zoals Mercadona, Aldi, Lidl en Esclat, is er niet zo heel veel te beleven. Bij het centrale plein Placa Nova vind je wel een goed hamburgerrestaurant Frankfurt Gretel met 10 tallen verschillende soorten hamburgers. En daar tegenover het Calma House, een klein winkeltje met de állermooiste bohémian kussens en matrassen. En zijn er tenslotte rondom het plein winkeltjes met alle traditionele gerechten zoals recuit uit Fonteta, flam, yogurt cabra en codony. Nee, het mooiste van Palafrugell vind je aan de kust: de vissersdorpen Llafranc, Tamariú en Calella de Palafrugell. In deze dorpjes lijkt de tijd stil te hebben gestaan. En in de jaren vijftig favoriet bij de filmsterren en kunstenaars van weleer. Je eet hier een “menu del dia” met vis die dezelfde dag gevangen is in kleine restaurantjes met uitzicht op de Middellandse zee. Blijf je overnachten dan is Hotel Hostalillo een aanrader, met uitzicht op de pittoreske baai van Tamariu. In de zomer liggen deze strandjes overvol met badgasten, maar buiten het hoogseizoen kom je hier echt tot rust.

In het achterland vind je de Middeleeuwse dorpjes Pals en Perratallada. Ook hier vind je de meest heerlijke en zeer goede restaurants. Hotel restaurant Es Portal in Pals heeft deze maand weer een Michelin ster ontvangen en zij waren niet de enige in deze regio. Iedere middag gaan er weer drommen Catalanen richting de restaurants voor hun “almuerzo”. De Nederlanders vind je in het hoogseizoen met name bij het befaamde kiprestaurant van Pals. Onze voorkeur gaat meer uit naar restaurant Antic Casino in Pals. Hier is ieder gerecht een kunstwerk op je bord en nog betaalbaar ook!

Andere aanraders zijn een roadtrip naar het witte kunstenaarsdorpje Cadaques in Alt Empordá en een bezoek aan Girona met de immens grote kathedraal en de Joodse wijk El Call. ​

Wil je écht de streek proeven dan kun je een prachtige wijnroute maken: de D.O. Empordà Wine route. Deze gaat van Alt Empordà in het noorden naar Baix Empordà in het zuiden. De wijngaarden variëren in hoogte van 200m boven de zeespiegel tot zeeniveau.

 

Hasta luego!

Menno en Martine van Noort

Casa de la Luna Begur